Wat bepaalt de kwaliteit van een school? En hoe kan het thema duurzaamheid daaraan
bijdragen? Deze vragen stelden de proefscholen uit het project Certificering van VOscholen
voor duurzame ontwikkelingseducatie (kortweg "het Certificerings-project")
zich. De vragen zijn een logische reactie op de opkomst van natuur- en milieueducatie
(NME) in de afgelopen jaren. Veel enthousiaste docenten wilden daar werk
van maken, maar het bleek lastig te zijn, NME met haar vakoverstijgende karakter een
vaste en geaccepteerde plaats in de school te geven. Het idee ontstond om in kaart te
brengen waaraan je goede NME herkent, en dat te koppelen aan meer algemene
kenmerken van een goede school. Nog een stap verder gaan zou betekenen, dat aan
"goede NME-scholen" een certificaat verleend zou kunnen worden. Zover gaat dit
project niet, het beperkt zich tot het formuleren van enkele domeinen voor kwaliteitscriteria
en van indicatoren die per domein aangeven waar een school haar kwaliteit in
kan zoeken.
In deze rapportage stellen we in hoofdstuk 1 vast wat kwaliteit in het kader van het
project "certificering" betekent, en wat onder "duurzame school" verstaan wordt. Beide
begrippen worden met elkaar in verband gebracht en we geven een aantal acties aan,
die schoolleiders en NME-coördinatoren kunnen ondernemen om op weg te gaan naar
een duurzame school respectievelijk een kwaliteitsschool. Hoofdstuk 2 beschrijft
verschillende aspecten van kwaliteitszorg. In hoofdstuk 3 zien we, hoe de vier
projectscholen elk voor zich het proces van schoolontwikkeling aan willen pakken.
Hoofdstuk 4 gaat wat abstracter op de verschillende aspecten van die
schoolontwikkeling in. Hoofdstuk 5 tenslotte somt een aantal thema's op die in alle
projectscholen ondanks hun onderlinge verschillen naar voren komen.
Deel 2 van deze rapportage over het project "Certificering van VO-scholen" heeft de
vorm van portretten van de vier proefscholen en de betrokken NME-coördinatoren en
schoolleiders. Het is gebaseerd op interviews, vragenlijsten en huiswerk-opdrachten.
